GPS-gebruik
Tijdens je rijexamen kan je gevraagd worden om met een GPS naar een opgegeven bestemming te rijden.

Wanneer kan dit gevraagd worden?
Dit kan aan het begin van het examen, onderweg of tijdens het terugrijden.
Hoe krijg je de bestemming?
De examinator geeft je de straatnaam mondeling of op een kaartje. Je moet de bestemming zelf in de GPS invoeren.
Welke GPS mag je gebruiken?
Je mag de ingebouwde GPS van de auto gebruiken of je gsm in een houder. Je kiest zelf je navigatieprogramma, bijvoorbeeld Waze, Google Maps of een andere navigatie-app.
In welke taal moet je GPS staan?
De GPS moet tijdens het praktijkexamen in het Nederlands ingesteld zijn. Ook de gesproken routeaanwijzingen moeten in het Nederlands worden gegeven; een andere taal is niet toegestaan. Dit geldt zowel voor de ingebouwde GPS als voor een navigatie-app op je gsm. Zorg dat de examinator de aanwijzingen duidelijk kan horen.
Terug naar examenvoorbereiding →